de weg naar je bestemming

Mijn grootste aardse schat.

Wat is dat? En wat doe ik ermee? En... hoe krijgt die zijn grootste waarde en betekenis?

lees meer...

Heb ik rechten bij God?

Nou en of! En Hij wil dat ik dat zie en daaruit leef. Als Israël klaagt, dat God voorbijgaat aa...

lees meer...

SPECIAL: Wie is mijn naaste?

We kennen het verhaal. Maar Jezus zegt altijd meer dan het, oppervlakkig gezien, lijkt.

lees meer...

Kennen

Kennen

‘Kennen’ is in de Bijbel vaak niet hetzelfde als ‘weten’.
'Ik ken die man’ kan betekenen dat je weet wie hij is, waar hij woont, enzovoort. Het kan ook betekenen dat je hem zelfs wel eens spreekt.
Maar in de Bijbel is ‘kennen’ dikwijls veel meer, het heeft daar vaak een diepere betekenis. 

Als je het woord ‘kennen’ tegenkomt, bedenk dan dat het daar dikwijls betekent:

* Kennen = persoonlijk kennen, deel hebben aan, persoonlijk betrokken
         zijn bij, een persoonlijke relatie hebben met
.

De zonde kennen = de zonde doen, gedaan hebben.
God kennen = een persoonlijke relatie met Hem hebben, deel hebben aan het leven met Hem (zie ook onderaan).

Iets van die betekenis is terug te vinden in Genesis 4:1 in de Staten Vertaling. In de NBG-Bijbel van 1951 staat daar: De mens nu had gemeenschap met Eva, zijn vrouw, ... De Staten Vertaling zegt: En Adam bekende Heva, zijne huisvrouw, ... Dat zeer intieme contact tussen die twee wordt daar weergegeven door een vorm van het woord ‘kennen’.

Zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament
heeft ‘kennen’ in veel gevallen die betekenis van het deel hebben aan iets of iemand, het persoonlijk kennen.

De naam van de ‘boom van de kennis van goed en kwaad’ in het paradijs zegt dus dat je, door daarvan te eten, naast het goede ook het kwade persoonlijk leert kennen, er deel aan hebt. Die naam had een waarschuwing moeten zijn voor de mens (en is dat nog!).

Als wij in de Bijbel dus het woord ‘kennen’ tegenkomen, kunnen we zo'de bijbeltekst beter begrijpen, als we bedenken wat het woord ‘kennen’ daar waarschijnlijk zal betekenen.

In Johannes 4:7 zegt Jezus: Indien jullie Mij zouden kennen, zouden jullie ook mijn Vader gekend hebben = Als jullie relatie met Mij zo persoonlijk zou zijn, dat jullie zouden zien, begrijpen wie Ik ben, dan zouden jullie ook met mijn Vader zo’n heel persoonlijk relatie gehad hebben en begrepen hebben wat Hij door Mij bezig is te doen.

Jezus kennen is dus: met Hem gemeenschap hebben, Hem persoonlijk kennen en voor Hem leven.